Osteo Center Osteopathie
Shin splints
Shin splints is de Engelse naam voor pijn langs de binnenrand van het scheenbeen, die ontstaat bij belasting zoals hardlopen, springen of veel lopen. De medische naam is mediaal tibiaal stresssyndroom; in Nederland heet het ook wel beenvliesontsteking. Als osteopaat benader ik shin splints biomechanisch: ik kijk of er een biomechanische oorzaak kan zijn voor de overbelasting van het scheenbeen, in het onderbeen zelf of in de voet, de enkel, de knie of de heup.
Shin splints in het kort
- Binnenrand scheenbeen Pijn langs de binnenkant van het onderbeen bij belasting.
- Andere namen Mediaal tibiaal stresssyndroom of beenvliesontsteking.
- Draagt en vangt op Het scheenbeen draagt het gewicht en vangt elke landing op.
- Kijk naar het geheel Het onderbeen werkt samen met voet, enkel, knie en heup.
Wat zijn shin splints?
Shin splints, of mediaal tibiaal stresssyndroom, is een overbelasting van het scheenbeen en het weefsel eromheen, aan de binnenrand van het onderbeen. Het woord beenvliesontsteking wordt veel gebruikt, maar het gaat niet altijd om een ontsteking. Het precieze mechanisme is niet helemaal bekend; vermoedelijk raken het bot, het beenvlies of de spieraanhechtingen geprikkeld door de belasting.
Het onderbeen bestaat uit twee botten: het scheenbeen, het dikke bot aan de binnen- en voorkant dat het meeste gewicht draagt, en het dunnere kuitbeen aan de buitenkant. Om het bot heen ligt het beenvlies, een stevig vlies waar spieren en pezen aan vastzitten. Tussen de twee botten loopt een stevige vlies-verbinding.
Aan het scheenbeen hechten meerdere spieren. Aan de achter- en binnenkant liggen de diepe kuitspieren, waaronder de achterste scheenbeenspier, die naar de binnenkant van de voet loopt. Daarover ligt de diepere van de twee grote kuitspieren, die deels aan het scheenbeen vastzit en samen met de oppervlakkige kuitspier via de achillespees naar de hiel gaat. Aan de voorkant ligt de voorste scheenbeenspier, die de voet optilt.
Hoe voelen shin splints?
Mensen met shin splints merken bijvoorbeeld:
- een zeurende of stekende pijn langs de binnenrand van het scheenbeen, over een stuk van een paar centimeter of langer;
- pijn aan het begin van het lopen of sporten, die soms wegzakt en daarna terugkomt;
- een gevoelige rand van het bot als u erop drukt.
Pijn aan de voorkant, op één scherpe plek of pijn die ook in rust doorzeurt, kan ook een andere oorzaak hebben. Daar let ik bij het eerste onderzoek op.
Wat doet het scheenbeen?
Het scheenbeen is de drager van het onderbeen. Als u staat, rust het lichaam via het scheenbeen op de enkel en de voet, en bij lopen, hardlopen en springen gaan de krachten van elke landing via het scheenbeen van de voet naar de knie en de heup. Het bot doet dat niet alleen: de spieren die aan het scheenbeen en het beenvlies vastzitten, vangen elke stap mee op. Bij het landen kantelt de voet iets naar binnen en zakt het voetgewelf wat in; de achterste scheenbeenspier en de diepere kuitspier remmen dat af. Bij het afzetten trekken ze de voet weer stevig en strekken ze de enkel. Zo trekken die spieren bij elke stap aan het beenvlies, en draagt het scheenbeen tegelijk het gewicht van het lichaam.
Het onderbeen als schakel in de keten
Het onderbeen ligt tussen de voet en de knie. Mechanisch is het naar beneden verbonden met de enkel en de voet, naar boven met de knie, en via de knie en het bovenbeen met de heup en het bekken. Wat er onder of boven het scheenbeen gebeurt, merkt het onderbeen, en andersom.
Doet het onderbeen een taak minder goed, dan nemen andere schakels werk over. Remmen de spieren langs het scheenbeen de landing minder goed af, dan kunnen de knie en de heup meer moeten opvangen. Zo kan er ook hoger in het been een klacht ontstaan, bijvoorbeeld pijn rond de knieschijf bij een patellofemoraal pijnsyndroom.
Andersom kan het onderbeen de schakel zijn die werk overneemt. Beweegt de enkel minder ver, bijvoorbeeld na een oude verstuiking, of bewegen de voetwortelbeentjes minder soepel, dan moeten de spieren langs het scheenbeen anders werken bij elke landing. Geven de heup- en bilspieren het been minder stevigheid, dan kan het onderbeen bij elke stap meer moeten bijsturen. Het scheenbeen wordt dan anders of zwaarder belast, en zo kan er een klacht ontstaan.
Daarnaast is er de fysiologische verbinding. Bloedvaten voeren zuurstof en voedingsstoffen aan naar het bot, het beenvlies en de spieren, en voeren afvalstoffen af. De zenuwen die de spieren van het onderbeen aansturen, komen uit de onderrug en lopen via de bil en het bovenbeen naar beneden. Zo hangt het onderbeen via zenuwen en bloedvaten samen met de rest van het lichaam.
Hoe botten, spieren, pezen, bloedvaten en zenuwen samenwerken, leest u bij het lichaam als keten.
Wat kan meespelen bij shin splints?
Bij shin splints kijk ik naar meerdere lagen. Het kan gaan om een overbelasting van het bot, het beenvlies of de spieraanhechtingen langs het scheenbeen zelf. Maar de reden van die overbelasting kan ook in de voet, de enkel, de knie, de heup of het bekken liggen. Wat kan meespelen is bijvoorbeeld:
- een sport met veel lopen, rennen of springen, zoals hardlopen, voetbal, hockey, tennis of dansen; meer daarover leest u bij het ontstaan van een sportblessure;
- een verandering in belasting, bijvoorbeeld een andere ondergrond, andere schoenen of meer lopen dan u gewend bent;
- een oude blessure aan voet, enkel, knie of heup;
- een enkel of voet die minder soepel beweegt.
De plek waar het pijn doet, is niet altijd de plek waar het probleem begint. Waar het bij u vandaan komt, verschilt per persoon en kan ik pas zeggen na onderzoek.
Hoe ik als osteopaat shin splints onderzoek en behandel
Ik begin met een gesprek over uw klachten: waar en wanneer u de pijn merkt, welke sport of welk werk u doet, en wat uw lichaam eerder heeft meegemaakt, zoals een verstuiking, een blessure of een operatie.
Daarna onderzoek ik met mijn handen het hele lichaam. Ik kijk naar de beweeglijkheid van het scheenbeen en het kuitbeen, de enkel, de voetwortel en de voet, en daarboven de knie, de heup, het bekken en de onderrug, en naar de gebieden waar de zenuwen en bloedvaten van het been doorheen lopen.
Ik kijk of er een biomechanische oorzaak is voor de overbelasting van uw scheenbeen, en ga op zoek naar de schakels in de keten die daarbij meespelen. Met manuele technieken optimaliseer ik de samenwerking tussen spieren, pezen, botten, banden, gewrichten, zenuwen en bloedvaten. Door de oorzaak van de overbelasting aan te pakken, is het mogelijk dat de klachten herstellen en ook wegblijven. Waar nodig krijgt u persoonlijk advies, afgestemd op wat ik bij u zie.
U heeft geen verwijzing nodig. Twijfelt u over uw klachten, overleg dan met uw huisarts.
Veelgestelde vragen
Antwoorden op de vragen die ik het vaakst krijg.
Wat zijn shin splints?
Pijn langs de binnenrand van het scheenbeen die ontstaat bij belasting, zoals hardlopen of springen. De medische naam is mediaal tibiaal stresssyndroom.
Wat betekent shin splints?
Shin is Engels voor scheen. Shin splints is de Engelse naam voor pijn langs het scheenbeen bij belasting. In Nederland heet het ook wel beenvliesontsteking of mediaal tibiaal stresssyndroom.
Is shin splints hetzelfde als een beenvliesontsteking?
Die namen worden voor dezelfde klacht gebruikt. Het gaat niet altijd om een ontsteking. Het precieze mechanisme is niet helemaal bekend; vermoedelijk raken het bot, het beenvlies of de spieraanhechtingen geprikkeld door de belasting.
Wat kan de oorzaak zijn van shin splints?
Bijvoorbeeld een overbelasting van het bot, het beenvlies of de spieraanhechtingen langs het scheenbeen. Als osteopaat kijk ik of daar een biomechanische oorzaak voor is. Die kan ook in de voet, de enkel, de knie of de heup liggen. Waar het bij u vandaan komt, verschilt per persoon en kan ik pas zeggen na onderzoek.
Heb ik een verwijzing nodig?
Nee, u kunt zonder verwijzing een afspraak maken, in Amsterdam West of in Haarlem.
Geschreven door
Bram Hulsbos, osteopaat
Osteopaat in Amsterdam West en Haarlem. Ingeschreven in het register van de Nederlandse Osteopathie Federatie (NOF) en lid van de Nederlandse Vereniging voor Osteopathie (NVO).
Meer over mij →Praktijken in Amsterdam West en Haarlem
Amsterdam West
Jan Evertsenstraat 8 H
1056 EC Amsterdam
(in studio Bluebirds)
Haarlem
Gedempte Oude Gracht 144
2011 GX Haarlem
Parkeren in parkeergarage De Kamp, naast de praktijk.